inleiding over de 'Bossche School' als architectonisch ruimtelijk uitgangspunt voor de activiteiten van galerie Vermeulen.

De 'bossche School' architectuur van onze woning / galerie
Grondlegger van de “Bossche School” is de monnik Dom van der Laan, die na een studie bij hoogleraar Granpre Moliere in Delft, in 1926 toetrad tot de Orde der Benedictijnen. Zijn verdere leven (tot 1991) heeft hij de afgeslotenheid van het monnikenbestaan (Benedictijnenklooster in Oosterhout en later in Vaals) gebruikt om zich te verdiepen in de grondslagen van de architectuur.
Zijn studies leidden ertoe om samen met zijn broer, de architect Nico van der Laan, een cursus op te zetten voor andere architecten om zich te bezinnen op de (her)bouw van kerkelijke architectuur na de Tweede Wereldoorlog. Deze cursus was echter slechts een raamwerk voor een veel omvattender streven: de perfectionering, door verdere studie en experimenten, van zijn ideeën over de grondslagen van de architectuur.
Tot 1973 heeft Dom van der Laan in ’s Hertogenbosch deze cursus aan belangstellende architecten gegeven. Om die reden wordt deze architectuurstroming de “Bossche School” genoemd.
In verschillende boeken (het Plastisch Getal, de Architectonische Ruimte en het Vormenspel der Liturgie) en publicaties heeft hij zijn “leer” uiteengezet, waarin zijn tijdloze architectuur teruggrijpt naar de fundamentele bouwprincipes van Egyptenaren, de Assyriërs, de Grieken en waarin deze vooral Romaanse invloeden laat zien.
De kleinste en tegelijk meest fundamentele bouwvorm is voor hem de wand en de kleinste ruimte is die, welke door twee wanden wordt gevormd. Deze wanden – bij voorkeur van baksteen – hebben dikte; massa en de afbakening van een ruimte geschiedt dus door volumes met massa. De te vormen ruimte tussen de wanden moet in de juiste verhouding staan tot de dikte van die wanden.
De kern van Dom van der Laan’s theorie is dat de grondverhouding (tussen ruimte en de haar vormende bouwmassa’s) kan worden uitgedrukt in een voor de menselijke geest meetbare maat. Dit noemt hij het “plastisch getal”. Dit maatsysteem, dat verder gaat dan de gulden snede, legt de ruimtelijke grondverhoudingen vast van de architectuur.
De ontwerpstijl kenmerkt zich vaak door een ingetogen en in zichzelf gekeerde, tijdloze architectuur, wars van trends en terughoudend in het kleurgebruik, waarbij natuurlijke materialen zoals baksteen, hout en beton de belangrijkste elementen vormen. Verder is de omringende natuur van essentieel belang en heeft een belangrijke invloed op de architectuur. De ontwerpen gaan als het ware over in de natuurlijke omgeving en vinden hun weerslag in de op dezelfde wijze vormgegeven tuinen en buitenruimten. Het ontwerp laat dikwijls ongehinderd de aansluitingen tussen de verschillende elementen zien, waardoor de gebruikte constructies in het zicht blijven.
Van der Laan is tevens bekend als meubelontwerper.
Op dit moment is de “derde generatie” architecten, vooral in het zuiden van het land, actief.
De woning / galerie gelegen aan de Zeilmakerstraat 19 in de wijk Attelaken te Etten-Leur, in 2002 gebouwd in de traditie van de ‘Bossche School’, is in nauwe samenwerking met bewoner / opdrachtgever Paul Vermeulen ontworpen door Maarten Willems, architect bij bureau ‘de Twee Snoeken‘ uit ’s Hertogenbosch.
Eerder ontwierp deze architect voor de familie Vermeulen twee woonhuizen: in 1985 te Helvoirt en in 1992 te Kloetinge/Goes. Dit laatstgenoemde huis is in 1998 genomineerd door het Nederlands Architectuur Keurmerk als goed voorbeeld van hedendaagse architectuur in Zeeland.
Galerie Vermeulen hoopt in de ambiance van deze bijzondere en ingetogen architectuurstijl haar activiteiten optimaal te kunnen ontplooien.

routebeschrijving:

A58 (Tilburg - Vlissingen), afslag Etten-Leur (afrit 18).
Na 400 m rechts (afslag Etten-Leur noord), stoplicht links (Lage Vaarkant).
Bij volgende stoplicht spoorwegkruising oversteken, de bocht naar rechts volgen (Vijfhuizenweg),.
Bij de rotonde rechtdoor, de bocht naar links volgen, 2e straat rechts Zeilmakerstraat nr.19 ingang rechts.